Nederlandse uitvinder in race voor Europese Innovatieprijs

7 dagen geleden Economie

Dit is een origineel bericht van Shepard Fox Communications

De Nederlandse ingenieur, uitvinder en ondernemer Jan van der Tempel is genomineerd voor de European Inventor Award 2021. Hij is een van de finalisten in de categorie Industrie van deze jaarlijkse Europese Innovatieprijs. Dat maakte het Europees Octrooibureau (EOB) vandaag bekend. Van der Tempel ontwikkelde een stabiele loopplank voor het overzetten van mensen en goederen tussen schepen en offshore constructies waardoor de veiligheid op volle zee wordt verhoogd.

Van der Tempel commercialiseerde zijn uitvinding door het oprichten van een universitaire spin-off die is uitgegroeid tot een bedrijf dat het toegangssysteem en aanverwante diensten over de hele wereld exploiteert. Vandaag de dag worden meer dan 65 van dit type systemen wereldwijd ingezet en heeft het systeem met succes meer dan zes miljoen offshore werknemers en 17 miljoen kilo lading overgezet.

Octrooi zorgt voor bescherming

iNa het succes van het prototype dat hij aan de TU Delft ontwikkelde vroeg Van der Tempel octrooi aan om zijn uitvinding te beschermen. In 2012 verkreeg hij een eerste Europees octrooi en in 2014 een tweede. "Onze oplossing is de enige met cilinders die in zes richtingen werken en met slechts milliseconden vertraging een volledig stationair punt bereiken" , zegt Van der Tempel . "Het octrooi zorgde voor de bescherming van dat concept, wat ons als bedrijf een enorm voordeel op de markt gaf ten opzichte van concurrenten. Het heeft ons in staat gesteld om te groeien, het vertrouwen van klanten te winnen en ons bedrijf te maken tot wat het nu is."

Van universitaire spin-off tot marktleider

Aanvankelijk was Van der Tempel alleen van plan om de technologie te ontwikkelen en vervolgens een bedrijf te zoeken om het systeem te bouwen en te gebruiken. Omdat het niet lukte een partij te vinden die geïnteresseerd of in staat was om het commerciële potentieel volledig te begrijpen, besloot hij uiteindelijk via de TU Delft zijn eigen bedrijf te starten. In 2007 werd Ampelmann Operations opgericht, dat in iets minder dan tien jaar tijd een belangrijke wereldwijde speler op de markt van offshore toegang is geworden. Aangezien een groot deel van de ontwikkeling binnen de TU Delft plaatsvond, vereiste het opschalen van de uitvinding relatief lage kapitaaluitgaven. Leningen van de Nederlandse overheid werden veiliggesteld, maar grote externe investeringen waren niet nodig. “Ampelmann wist vrijwel direct een eigen cashflow te genereren, waardoor het bedrijf snel groeide en in de eerste zes jaar elk jaar verdubbelde”, zegt Van der Tempel . Vandaag de dag exploiteert zijn bedrijf wereldwijd meer dan 65 offshore toegangssystemen. Tot op heden heeft de Ampelmann met succes meer dan zes miljoen offshore werknemers en 17 miljoen kilo lading wereldwijd overgedragen.

Sterke groei verwacht in offshore windsector

Hoewel de meeste projecten van Ampelmann Operations in de olie- en gasindustrie plaatsvinden, heeft het bedrijf ook een sterke staat van dienst op het gebied van offshore wind, een sector die naar verwachting tot 2050 aanzienlijk zal groeien. De exploitatie- en onderhoudskosten van offshore windturbines vormen de belangrijkste uitgaven voor bedrijven in deze sector, met inbegrip van omzetverlies als gevolg van vertragingen en problemen bij reparatie. De Ampelmann kan deze kosten verlagen. Met de toenemende wereldwijde markt voor offshore windexpoitatie en onderhoud (verwachte groei van 17% en omzet van EUR 11 miljard in 2028), verkeert Ampelmann Operations in een goede positie om te profiteren van de verschuiving naar hernieuwbare energiebronnen.

Publiek kan meestemmen voor Populariteitsprijs

De prijs wordt door een deskundige jury toegekend in vijf categorieën (industrie, onderzoek, MKB, niet-EOB-landen en levenslange prestaties). Daarnaast selecteert het publiek de winnaar van de Populariteitsprijs uit de 15 finalisten via online stemmen.

De winnaars van de 2021-editie van de jaarlijkse innovatieprijs van het EOB worden op 17 juni om 19.00 uur bekendgemaakt voor een wereldwijd publiek tijdens een openbare digitale ceremonie.

Zie bijgaand persbericht met verdere uitleg over de uitvinding en links naar verhelderende introductievideo over de Ampelmann en beeldmateriaal Jan van der Tempel.

Andere persberichten van deze organisatie

Meer investeringen nodig in schone energietechnologie

Verdere innovatie in schone energietechnologie is nodig om de klimaatdoelstellingen van Parijs te halen, blijkt uit een nieuw onderzoek van het Europees Octrooibureau (EOB) en het Internationaal Energieagentschap (IEA). Octrooien voor koolstofarme energietechnologie zijn tussen 2017 en 2019 met 3,3% per jaar gegroeid, maar dit is slechts een kwart van de gemiddelde jaarlijkse groei tien jaar geleden. De belangrijkste motor voor innovatie is de groei in elektrische voertuigen, vooral door de ontwikkelingen op het gebied van oplaadbare lithium-ionbatterijen, concludeert het rapport.  

"De energietransitie die nodig is om de klimaatverandering te beperken, is een uitdaging van enorme omvang en complexiteit", aldus EOB voorzitter António Campinos."Dit onderzoek is een duidelijke oproep tot actie om research en innovatie naar nieuwe koolstofarme energietechnologieën te intensiveren en bestaande technologieën te verbeteren. Terwijl het enkele bemoedigende trends toont in landen en industriesectoren, waaronder ook in faciliterende technologieën, benadrukt het ook de noodzaak om innovatie in schone energietechnologieën verder te versnellen - waarvan sommige nog maar net opkomen.”

"Om in 2050 netto nul uitstoot te bereiken, zal bijna de helft van de emissiereducties afkomstig moeten zijn van technologieën die nog niet op de markt zijn", zegt Fatih Birol, uitvoerend directeur van IEA. "Dit vraagt om enorme sprongen in innovatie, maar tot nu toe is de informatie over de geboekte vooruitgang beperkt gebleven."

Het aantal wereldwijde octrooien op koolstofarme energietechnologieën is de afgelopen twintig jaar gestegen. Het gemiddelde jaarlijkse groeipercentage van koolstofarme energieoctrooien (+3,3% sinds 2017) is echter teruggelopen van +12,5% in de periode 2000-2013. De cijfers laten zien dat gecoördineerde beleidsmaatregelen en verdere innovatie op het gebied van koolstofarme energie nodig zijn om de beschikbaarheid van technologieën te versnellen en de kosten te verlagen.

Sommige van deze technologieën worden al op industriële schaal gebruikt (van energieproductie tot transmissie, opslag en toepassingen voor eindgebruik), terwijl andere zich nog in een vroeg stadium van ontwikkeling of implementatie bevinden. Volgens het IEA  kunnen de huidige klimaatdoelstellingen alleen worden gerealiseerd door een grote versnelling van schone energie-innovatie, omdat veel technologieën die de komende decennia nodig zijn om de CO2 emissies te reduceren nu nog in de test- of demonstratiefase zitten.

Nederland levert een belangrijke bijdrage aan innovaties op het gebied van schone energietechnologieën. Over de periode 2000-2019, gerangschikt naar het aantal internationale octrooifamilies in koolstofarme energietechnologieën, staat Nederland op de vijfde plaats in Europa en op de 11e plaats wereldwijd, met een bijdrage van 1,2% van alle wereldwijde octrooien op dit gebied.

Toch zijn de Nederlandse innovaties op het gebied van schone energie de afgelopen tien jaar vertraagd: tussen 2010 en 2019 daalde de Nederlandse bijdrage aan wereldwijde octrooien naar 1,1%. Tussen 2017-2019 was 8,2% van alle internationale octrooiaanvragen door Nederlandse bedrijven en uitvinders gerelateerd aan koolstofarme technologieën, tegen 8,7% in de periode 2010-2014. Binnen dit veld zijn Nederlandse uitvinders het meest actief op het gebied van gebouwen, chemie en olie, zonne-energie, wind en consumentenproducten. Gemeten naar relatieve technologische voordelen is Nederland het meest gespecialiseerd op het gebied van bio-energie, koolstofopname, landbouw, gebouwen en chemie en olie. De toonaangevende Nederlandse bedrijven die koolstofarme emissieoctrooien (2000-2019) indienden, waren Airbus (2.243 internationale octrooifamilies), Philips (1.865), NXP (440), STMicroelectronics (352) en DSM (250).

Bedrijven hebben sinds 2000 wereldwijd meer dan 420.000 koolstofarme energie-IPF’s ingediend, verdeeld over drie hoofdcategorieën:

  • Koolstofarme energievoorzieningstechnologieën, met inbegrip van hernieuwbare energiebronnen zoals zonne-, wind- en geothermische energie of waterkracht
  • Technologieën die een efficiënter gebruik van energie of omschakeling naar andere brandstof in toepassingen voor eindgebruik mogelijk maken, zoals vervoer, gebouwen of industriële productie
  • ‘Faciliterende’ technologieën die dwars door aanbod en eindgebruik gaan, of de infrastructuur verbeteren om hogere niveaus van schone energie mogelijk te maken, waaronder batterijen, waterstof, slimme (electriciteits)netten, koolstofopname, gebruik en opslag

De grootste eindgebruikers voor wereldwijde octrooien op schone energie in 2000-2019 waren vervoer (116.000 IPF's in 2000-2019), gevolgd door energie-efficiency technologieën voor industriële productie (86.000 IPF's), waarbij er bij een aantal ‘lastig te verminderen’ sectoren als metallurgie (bv. staalproductie) vooral recentelijk veel activiteit is gekomen. Het rapport constateert dat horizontale ‘faciliterende’ technologieën - batterijen, waterstof, slimme netten, koolstofopname - over het algemeen de sterkste groei kenden sinds 2017. Hun aandeel steeg van 27% van alle koolstofarme energie-IPF's in 2000 tot 34% in 2019.

Opkomst elektrische voertuigen stimuleert innovatie

Een belangrijke motor voor innovatie in het afgelopen decennium was de toename van technologieën op het gebied van elektrische voertuigen, die in aanzienlijke mate werd aangewakkerd door de vooruitgang in oplaadbare lithium-ionbatterijen (zie gezamenlijke EPO-IEA-studie over innovatie op het gebied van elektriciteitsopslag (september 2020). Deze trend komt ook tot uiting in de ranglijst van topbedrijven in koolstofarme energietechnologieën sinds 2000, waaronder zes automobielbedrijven en zes van hun belangrijkste leveranciers van batterijen.

Europa, Japan en de VS leiden, elk met verschillende specialisaties

Uit de studie blijkt dat sinds 2000 Europese bedrijven en onderzoeksinstituten de leiding hebben in het patenteren van koolstofarme energieuitvindingen, met 28% (12% alleen al voor Duitsland). Japanse aanvragers volgen met 25%, de VS met 20%, Zuid-Korea 10% en China 8%.

Terwijl Europa de 1e plaats inneemt op de meeste hernieuwbare energiegebieden en bijzonder sterk is in sommige sectoren voor eindgebruik, zoals het spoor en de luchtvaart, loopt Japan voorop op het gebied van technologie voor elektrische voertuigen, batterijen en waterstof, en hebben de VS een technologische voorsprong op het gebied van luchtvaart,  biobrandstoffen en koolstofopname. De belangrijkste sterke punten van Zuid-Korea zijn batterijen, pv-technologie en energie-efficiëncy in industriële productie en de ICT-sector. Ook China is gespecialiseerd in ICT.  

Over het geheel genomen is het aandeel van IPF‘s in schone energietechnologieën van onderzoeksinstellingen (universiteiten en publieke onderzoeksorganisaties) gestegen - van  6,6% tussen 2000 en 2009 tot 8,5% tussen 2010 en 2019. Onderzoeksinstellingen zijn vooral actief in koolstofarme energievoorzieningstechnologieën (alternatieve brandstoffen, kernenergie en sommige hernieuwbare energiebronnen) en opkomende technologieën zoals koolstofopname en waterstof.

2 weken geleden

Forse daling Nederlandse octrooiaanvragen

München, 16 maart 2021  – Het aantal octrooiaanvragen dat Nederlandse bedrijven bij het Europees  Octrooibureau (EOB) hebben ingediend is in 2020 met 8,2% gedaald, volgens de vandaag gepubliceerde EPO Patent Index. Deze daling volgt op een gematigde daling in 2019 (-2,8%) en is de grootste sinds 2012 en de meest opmerkelijke onder de 10 toonaangevende landen bij het EOB. Met  6.375 octrooiaanvragen bleef Nederland het 3e grootste land van herkomst voor octrooiaanvragen onder de 27 EU-lidstaten en staat het wereldwijd - evenals vorig jaar - op de achtste plek.

"Hoewel het aantal Europese octrooiaanvragen van Nederlandse bedrijven en uitvinders in 2020 stagneerde, mag dit niet het feit overschaduwen dat Nederland een land blijft met een uitstekende innovatiecapaciteit”, aldus EOB-voorzitter António Campinos. “Dat zien we in de sterke positie van sommige Nederlandse bedrijven met een breed scala aan technologieën, en de onveranderde hoge notering wat betreft het aantal octrooiaanvragen per hoofd van de bevolking. Dat is goed nieuws, want onderzoek en innovatie, ondersteund door een sterk systeem van Intellectuele Eigendomsrechten, zullen tot een gezondere wereld leiden en het herstel van de pandemie stimuleren."

Ondanks de pandemie was het totaal aantal Europese octrooiaanvragen in 2020 bijna op hetzelfde niveau als het voorgaande jaar (daling van 0,7%). Het EOB ontving vorig jaar in totaal 180.250 octrooiaanvragen, iets minder dan in 2019 (181.532).  

Sterke daling Nederlandse octrooiaanvragen in biotechnologie

De belangrijkste technologiesectoren met de meeste octrooiaanvragen uit Nederland waren medische technologie (-9,2%), gevolgd door 'elektrische machines, apparaten, energie' (waar veel uitvindingen voor schone energietechnologieën worden ingediend) (-1,3%) en computertechnologie (+0,3%). De sterkste groei was te zien in farmaceutica (+14,9%). De grootste dalingen werden geregistreerd in de macromoleculaire chemie en polymeren (-25,4%), optica (-15,8%) en transport (-14,9%).

 Philips, Airbus en NXP dienen minder octrooiaanvragen in

De ontwikkeling van octrooiaanvragen in technische sectoren komt ook goed tot uiting in de ranglijst van Nederlandse bedrijven. Koninklijke Philips bleef opnieuw de meest actieve aanvrager van Nederland met 1.419 Europese octrooiaanvragen in 2020 (een daling van 8% ten opzichte van het voorgaande jaar), gevolgd door Signify met 691 aanvragen (+5,3%), DSM 348 (+1,5%), Airbus 327 (-38,3%) en NXP 310 (-11,7%).

Wat de verhouding octrooiaanvragen en bevolkingsomvang betreft (indicatief voor innovatiekracht van een land) bleef Nederland met 369 octrooiaanvragen per miljoen inwoners op de 4e plaats staan in de lijst van alle landen die octrooiaanvragen bij het EOB indienden. Denemarken, nummer 3 (410 octrooiaanvragen per miljoen inwoners) en Zweden, nummer 2 (434 octrooiaanvragen per miljoen inwoners) deden het iets beter. Zwitserland eindigde duidelijk bovenaan met 966 aanvragen per miljoen inwoners.

[Voor het gehele bericht lees de bijlage.]

 

2 maanden geleden

Studie Intellectuele Eigendomsrechten en bedrijfsresultaten - MKB profiteert meest

Studie belicht economische voordelen van intellectuele eigendomsrechten – vooral MKB’s profiteren

 ·       Gezamenlijk studie EOB-EUIPO laat zien dat Europese ondernemingen met intellectuele eigendomsrechten (IER) gemiddeld 20% meer omzet per werknemer genereren

·       IER-bedrijven betalen ook hogere lonen (19%) aan hun werknemers dan bedrijven zonder intellectuele eigendomsrechten

 ·       Terwijl bijna zes van de tien grote bedrijven in Europa IER bezit, heeft slechts 9% van het Europese MKB een octrooi, geregistreerd ontwerp of handelsmerk

Alicante/München, 8 februari 2021 – Uit de vandaag gepubliceerde nieuwe studie van het Europees Octrooibureau (EOB)  en het Bureau voor Intellectuele Eigendom van de Europese Unie (EUIPO) blijkt dat ondernemingen die ten minste één octrooi, geregistreerd ontwerp of merk bezitten, gemiddeld 20% hogere omzetten per werknemer genereren dan ondernemingen die geen van deze intellectuele eigendomsrechten bezitten. Bovendien betalen IER-bedrijven gemiddeld 19% meer salaris dan andere bedrijven.

De studie Intellectuele eigendomsrechten en bedrijfsresultaten in de EU bevestigt de sterke positieve relatie tussen het bezit van verschillende soorten intellectuele eigendomsrechten en de economische prestaties van een bedrijf. Octrooien tonen de sterkste link met de prestaties van een bedrijf, met 36% hogere omzet per werknemer en 53% hoger salaris, in vergelijking met bedrijven zonder IER. Het eigendom van geregistreerde ontwerpen volgt met 32% hogere omzet en 30% meer salaris en het bezit van merken genereert 21% hogere omzet en 17% hogere salarissen).

EOB Voorzitter António Campinos: "Hoe sterker de IER-portefeuille, hoe beter een bedrijf presteert. IER-bedrijven genereren niet alleen meer omzet, hun werknemers verdienen ook meer. Dit zijn belangrijke signalen voor onze economie en samenleving. De studie toont verder aan dat er in Europa een aanzienlijk onbenut potentieel is voor het MKB en maakt duidelijk dat zij het meest profiteert van het bezit van intellectueel eigendom. Bovendien hebben bedrijven die intensief gebruik maken van IER ons door de financiële crisis van 2008 geholpen. In dat licht ben ik er vast van overtuigd dat innovatie zal bijdragen aan het herstel van Europa als gevolg van COVID-19."

EUIPO Directeur Christian Archambeau: "Deze studie, resultaat van samenwerking tussen EUIPO en EOB, is opnieuw een bewijs van het verband tussen IER en economische prestaties. Dit geldt met name voor het MKB dat de basis vormt van de Europese economie. Deze resultaten onderstrepen het belang om het makkelijker te maken voor kleinere bedrijven hun innovaties en creativiteit te beschermen met een intellectueel eigendomsrecht.  Dit is een van de belangrijkste doelstellingen van ons Strategisch Plan 2025."

De nieuwe studie geeft een verdere indicatie van het belang van IER voor de Europese economie. Een gezamenlijk EOB-EUIPO-onderzoek uit 2019 naar IER-intensieve industrieën, toonde aan dat dergelijke sectoren een aanzienlijk en toenemend deel van de economische activiteit en werkgelegenheid in Europa genereren. Uit een eerdere gezamenlijke studie uit datzelfde jaar, bleek dat het MKB met octrooien, geregistreerde ontwerpen of merken, in de jaren erna sneller dan andere bedrijven een hoge omzetgroei zouden kunnen realiseren. Samen bieden deze studies overtuigend bewijs voor de positieve relatie tussen IER en economische prestaties, zowel macro-economisch als op het niveau van individuele ondernemingen.

De studie beschrijft ook het effect van IER-bezit ten opzichte van andere factoren, zoals de omvang van een onderneming of de landen en sectoren waarin zij actief is. De resultaten bevestigen het positieve verband tussen IER-bezit en economische prestaties, met een omzet per werknemer die 55%hoger is voor IER-bedrijven. Bovendien blijkt uit de analyse dat deze relatie nog duidelijker is voor het MKB. In deze sector halen IER-bedrijven een 68% hogere omzet per werknemer dan bedrijven zonder intellectueel eigendom. Ter vergelijking: voor grote bedrijven is dit omzetvoordeel 18%. De studie constateert dat slechts 9% van het MKB in Europa een van de drie soorten intellectuele eigendomsrechten bezit, tegenover bijna zes op de tien grote ondernemingen en wijst op het aanzienlijke potentieel van kleinere ondernemingen die intellectuele eigendomsrechten zouden kunnen exploiteren.

Het MKB geniet zelfs een nog hogere omzet per werknemer als verschillende IER worden gecombineerd. Kleine en middelgrote bedrijven die zowel octrooien als merken bezitten, zetten 75% meer om. Bedrijven met geregistreerde ontwerpen en merken halen een geschatte omzetpremie van 84%. Kleine en middelgrote bedrijven met een combinatie van octrooien, merken en geregistreerde ontwerpen genereren bijna het dubbele (98%) van de omzet per werknemer, vergeleken met bedrijven zonder deze drie IER.

Het rapoport geeft verder aan dat IER-bedrijven vooral te vinden zijn in de informatie- en communicatiesector (18%), industrie (14%), dienstensector (14%) en wetenschappelijke en technische sectoren (13%).

3 maanden geleden

Octrooiaanvragen innovaties batterijtechnologie naar nieuw record

  

Patenten in batterijentechnologie bereiken nieuw record.

Studie Europees Octrooibureau en Internationaal Energieagentschap: innovaties batterijen sleutelrol in transitie naar schone energie 

•    Uitvindingen voor elektriciteitsopslag afgelopen decennium jaarlijks met 14% toegenomen, zo blijkt uit gezamenlijke studie Europees Octrooibureau (EOB) en Internationaal Energieagentschap (IEA)

•    Beschikbaarheid van batterijen en andere vormen van energieopslag moet in 2040 vijftig keer zo hoog zijn om de klimaat- en duurzame energiedoelstellingen te halen

•    Batterijoctrooien zijn goed voor 90% van alle patenten voor elektriciteitsopslag

•    Lithium-ion-batterijen vertegenwoordigen 45% van alle batterijgerelateerde octrooien; de kosten van dit type batterijen daalden met 90% sinds 2010

•    Elektrische voertuigen nu belangrijkste motor achter batterijinnovatie 

•    Aziatische landen hebben grote voorsprong in wereldwijde race om batterijtechnologie - Nederlandse bedrijven vroegen 179 internationale octrooien aan op dit gebied 

München, 22 september 2020 – Verbetering van de opslagcapaciteit voor elektriciteit speelt een sleutelrol bij de transitie naar schone energietechnologieën. Tussen 2005 en 2018 zijn octrooiactiviteiten voor batterijen en andere technologieën voor elektriciteitsopslag wereldwijd gemiddeld 14% per jaar gestegen. Dat is vier keer zo veel als het gemiddelde voor alle technologiegebieden, volgens de vandaag gepubliceerde gezamenlijke studie van het Europees Octrooibureau (EOB) en het Internationaal Energieagentschap (IEA).  [Afbeelding 1]

Uit het rapport, Innovation in batteries and electricity storage – a global analysis based on patent data, blijkt dat batterijen bijna 90% van alle patentering rond elektriciteitsopslag voor hun rekening nemen. De innovatiegroei zit vooral in vooruitgang van oplaadbare lithium-ion- accu’s (Li-ion) die worden gebruikt in consumentenelektronica en elektrische auto’s. Met name elektrische mobiliteit bevordert de ontwikkeling van nieuwe Li-ion-verbindingen, gericht op het verbeteren van het vermogen, de duurzaamheid, de oplaad-/ontlaadsnelheid en de recyclebaarheid. De technologische vooruitgang wordt ook gevoed door de noodzaak om grotere hoeveelheden hernieuwbare energie, zoals wind- en zonne-energie, in elektriciteitsnetten te integreren. Japan en Zuid-Korea hebben wereldwijd met batterijtechnologie een grote voorsprong opgebouwd en bezitten veel meer internationale patenten op dit gebied dan Europa, China en de VS. [Afbeelding 2]

Binnen Europa genereerde Duitsland de meeste octrooiaanvragen voor batterijtechnologie (5.080) in de periode 2000 – 2018, vóór Frankrijk (1.354) en het Verenigd Koninkrijk (652). Nederlandse bedrijven droegen bij met 179 internationale octrooiaanvragen in deze periode. 

Ook blijkt dat in de steeds volwassener industrie, technische vooruitgang en massaproductie de afgelopen jaren hebben geleid tot een significante daling van de batterijprijzen – met bijna 90% sinds 2010 in het geval van Li-ion-accu’s voor elektrische voertuigen en met ongeveer twee derde in dezelfde periode voor stationaire toepassingen, waaronder elektriciteitsnetbeheer.  

Ontwikkeling van betere en goedkopere elektriciteitsopslag is een grote uitdaging voor de toekomst. Volgens het duurzame ontwikkelingsscenario van het IEA zal in 2040 wereldwijd bijna 10.000 gigawatt-uur aan batterijen en andere vormen van energieopslag nodig zijn, 50 keer de omvang van de huidige markt, om klimaat- en duurzame energiedoelstellingen te halen. 

Technologie voor elektriciteitsopslag is van cruciaal belang om aan de vraag naar elektrische mobiliteit te kunnen voldoen en om de transitie naar recyclebare energie te bewerkstelligen. Dat is nodig, willen we de klimaatverandering tegengaan,” zegt EOB-voorzitter António Campinos. “De snelle en aanhoudende toename van innovaties op dit gebied toont aan dat uitvinders en bedrijven de uitdaging van de energietransitie aangaan. Uit de octrooigegevens blijkt dat Azië in deze strategische industrie een grote voorsprong heeft, maar dat de VS en Europa kunnen bouwen op een rijk innovatie-ecosysteem, waaronder diverse MKB’s en onderzoeksinstellingen, wat kan helpen om in de race te blijven voor de volgende generatie batterijen.” 

“IEA-voorspellingen maken duidelijk dat energieopslag de komende decennia exponentieel zal moeten toenemen om aan internationale doelstellingen voor klimaat en duurzame energie te voldoen. Versnelde innovatie zal essentieel zijn om die groei te realiseren,” aldus uitvoerend directeur van IEA Fatih Birol. “Door de complementaire sterke punten van IEA en EOB te combineren werpt dit rapport nieuw licht op de huidige innovatietrends en zal het overheden en bedrijven helpen doelmatige beslissingen te nemen voor onze energietoekomst.” 

Sinds 2000 hebben bedrijven wereldwijd meer dan 65.000 IPF’s (internationale octrooifamilies) ingediend voor elektriciteitsopslag. Het jaarlijkse aantal IPF’s is sterk gestegen, van ongeveer 1.500 in 2005 tot meer dan 7.000 in 2018. Met een gemiddelde jaarlijkse groei van 14% sinds 2005 is deze toename aanzienlijk groter dan de gemiddelde jaarlijkse stijging over alle gezamenlijke technologiegebieden over dezelfde periode (3,5%).  

Groei elektrische voertuigen stimuleert Li-ion-innovaties 

Li-ion-technologie, dominant in draagbare elektronica en elektrische voertuigen, heeft sinds 2005 de meeste accu-innovaties aangewakkerd, aldus het rapport. In 2018 was de vooruitgang op het gebied van Li-ion-cellen goed voor 45% van de octrooiaanvragen voor batterijcellen, tegenover slechts 7% voor cellen op basis van andere verbindingen. In 2011 verdrongen elektrische voertuigen consumentenelektronica als de grootste groeimotor voor Li-ion-accu’s gerelateerde uitvindingen. Verbeteringen voor accupacks voor elektrische auto’s hebben positieve overloopeffecten opgeleverd voor stationaire toepassingen, waaronder elektriciteitsnetbeheer. Andere opslagtechnologieën, zoals supercondensatoren en redox-flowbatterijen, winnen ook snel terrein en hebben de potentie een aantal van de zwakke punten van Li-ion-batterijen aan te pakken.

Aziatische bedrijven lopen voorop 

De studie toont aan dat Aziatische bedrijven een duidelijke voorsprong hebben in de wereldwijde race om batterijtechnologie, met Japanse en Zuid-Koreaanse bedrijven voorop. Aziatische bedrijven vertegenwoordigen negen van de top tien grootste wereldwijde aanvragers van batterijoctrooien en twee derde van de top 25, waarin ook zes bedrijven uit Europa en twee uit de VS staan. De top vijf van aanvragers (Samsung, Panasonic, LG, Toyota en Bosch) genereerden tussen 2000 en 2018 samen meer dan een kwart van alle IPF’s. [Afbeelding 3]

Hoewel innovatie in batterijtechnologie zich nog steeds overwegend afspeelt binnen een beperkte groep van zeer grote bedrijven in de VS en Europa, spelen kleinere bedrijven, universiteiten en publieke onderzoeksinstellingen ook een belangrijke rol: voor de VS nemen het MKB 34,4% en universiteiten/publieke onderzoeksinstellingen 13,8% van de aangevraagde IPF’s voor hun rekening. Voor Europa zijn de percentages respectievelijk 15,9% en 12,7%, wat in sterk contrast is met Japan (3,4%/3,5%) en de Republiek Korea (4,6%/9,0%).

Zie volledige rapport in bijlage.

 

8 maanden geleden

Nederland Europese hub voor innovatie in 3D-printing

Nieuwe studie Europees Octrooibureau (EOB)

Nederland is Europese hub voor innovatie in 3D-printing

•    Nederland in top Europese landen met octrooiaanvragen voor 3D-printing 

•    Regio Eindhoven toonaangevende Europese hub voor innovatie in 3D-printing

•    21% van alle Nederlandse octrooiaanvragen voor 3D-printtechnologie afkomstig van universiteiten en researchinstituten

•    Octrooiaanvragen voor 3D-printtechnologie groeien tien keer zo snel als alle andere aanvragen bij het Europees Octrooibureau 

•    Europa koploper op het gebied van 3D-printing, vóór de VS en Azië

•    3D-printing biedt potentie om waardeketens industrie opnieuw te ontwerpen 

München, 13 juli 2020 – Nederlandse uitvinders en onderzoekers behoren tot de meest actieve aanvragers van octrooien bij het Europees Octrooibureau (EOB) voor additive manufacturing (AM), ook bekend als 3D-printing. Dit blijkt uit een nieuwe studie die het EOB vandaag presenteert. Binnen Europa neemt Nederland met octrooiaanvragen voor 3D-printtechnologie de vierde plek in, na Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Hiermee staat Nederland op het gebied van 3D-printinnovatie aan de top van kleinere Europese landen.  

Op de door de EOB gehanteerde geografische ranglijst van meest actieve regio’s met 3D-printing gerelateerde octrooiaanvragen, staat Zuidoost-Noord-Brabant (regio Eindhoven) op de vijfde plaats, na München, Barcelona, Zürich en Berlijn. (zie grafiek 1) 

Universiteiten en onderzoeksinstituten dragen in hoge mate bij aan het aantal Nederlandse 3D-printtechnologie gerelateerde octrooiaanvragen, met een aandeel van 21%. Dit aandeel uit de academische hoek is hoger dan van elk ander Europees land en flink boven het Europese gemiddelde van 12% in die sector. Onderzoeksinstituut TNO, organisatie voor Toegepast-Natuurwetenschappelijk Onderzoek, wordt in het rapport met 97 aanvragen genoemd als de nummer 1 aanvrager op het gebied van 3D-printing in de onderzoekssector, op grote afstand gevolgd door Universiteit Twente (10 aanvragen) en Academisch Ziekenhuis Maastricht (6 aanvragen).  In het algemeen signaleerde het Europees Octrooibureau een snelle stijging van 3D-printtechnologie octrooiaanvragen, met een gemiddelde toename van jaarlijks 36% in de afgelopen jaren (2015 – 2018). Dit is tien keer meer dan de gemiddelde jaarlijkse groei van alle octrooiaanvragen bij het EOB. (zie grafiek 2)

Tot de grote Nederlandse aanvragers behoren Airbus, DSM, TNO, Philips, en Signify. Luxexcel en Suprapolix behoren met een aandeel van 17% tot de belangrijkste Nederlandse aanvragers op het gebied van 3D-printing in de sector MKB.  

De piek in additive manufacturing is onderdeel van de brede, snelle stijging van digitale technologieën in het algemeen. Het aantal octrooiaanvragen bij het EOB op dat gebied weerspiegelt de bevestiging van de transformatie naar een digitale economie volledig”, aldus EOB-voorzitter António Campinos. “Europa is een wereldwijde hub voor innovatie geworden in snelgroeiende digitale sectoren waaronder AM. Deze sterke positie komt duidelijk tot uiting in de lijst van top AM-aanvragers, waarbij Europese uitvinders en bedrijven in het afgelopen decennium bijna de helft van de octrooiaanvragen hebben ingediend.”

Europa in de voorhoede

Uit het EOB-rapport blijkt dat Europese landen goed zijn voor 47% (of 7.863) van alle 3D-printinnovaties waarvoor tussen 2010 en 2018 bij het EOB octrooiaanvragen zijn ingediend. Duitsland neemt de Europese koppositie in met 19% (of 3.155) van alle 3D-print AM-gerelateerde octrooiaanvragen. Daarna volgen het Verenigd Koninkrijk (5%), Frankrijk (4.8%), Nederland (4%) en Zwitserland (3.6%). Wereldwijd staan de Verenigde Staten aan top als land van herkomst met 35% (of 5.747) van de aanvragen. (zie grafiek 3)

Grootste 3D-printing octrooisectoren zijn gezondheid, energie en transport

Naarmate de 3D-printtechnologie volwassen wordt, zien we de waarde ervan in het efficiënter maken van industriële productie door minder gebruik van materialen. Tegelijkertijd wordt de constructie van complexe vormen vereenvoudigd. Daardoor heeft de technologie in potentie het vermogen hele waardeketens in de industrie opnieuw te ontwerpen. Uit het EOB-onderzoek blijkt dat de gezondheidssector sinds 2010 de grootste vraag naar 3D-printing octrooien heeft gegenereerd (4.018 aanvragen), gevolgd door de energiesector en de transportsector, die respectievelijk 2.001 en 961 aanvragen hebben ingediend. 

xxx

Over het EOB

Met bijna 7.000 medewerkers is het Europees Octrooibureau (EOB) een van de grootste Europese instellingen. Het hoofdkantoor bevindt zich in München, er zijn eveneens vestigingen in Den Haag, Berlijn, Wenen en Brussel. Het EOB werd opgericht met als doel de samenwerking op het gebied van octrooien in Europa te versterken. Dankzij de gecentraliseerde octrooiprocedure van het EUB kunnen uitvinders een kwalitatief hoogstaande octrooibescherming krijgen in 44 landen die een markt van ongeveer 700 miljoen mensen bestrijkt. Het EOB is bovendien ‘s werelds toonaangevende instantie op het gebied van octrooi-informatie en octrooi-onderzoek.

 

10 maanden geleden

Jaarcijfers 2019 Nederlandse octrooiaanvragen Europees Octrooibureau

Minder octrooiaanvragen Nederlandse bedrijven  bij Europees Octrooibureau in 2019

Nederland op 4e plaats octrooiaanvragen EOB-lidstaten

·       Octrooiaanvragen van Nederlandse bedrijven bij het Europees Octrooibureau (EOB) in 2019 met 2.6% afgenomen

·       Minder aanvragen bio- en medtech octrooien belangrijkste oorzaak daling

·       Nederland hoog op lijst octrooiaanvragen per inwoner   

·       Provincie Noord-Brabant bij sterkste Europese regio’s

·       Digitale technologie verantwoordelijk voor toename octrooiaanvragen bij het EOB

 München/Amsterdam, 12 maart 2020 – Het aantal octrooiaanvragen ingediend door Nederlandse bedrijven bij het Europees Octrooibureau (EOB) is in 2019 met 2.6% gedaald, na twee opeenvolgende jaren van gestage groei. Met 6.954 octrooiaanvragen is Nederland nog steeds het op drie na grootste land van herkomst voor octrooiaanvragen van de 38 lidstaten van het Europees Octrooibureau en neemt het wereldwijd de achtste plaats in. Aldus de vandaag verschenen EOB Patent Index. De laatste keer dat het aantal Nederlandse octrooiaanvragen afnam (-4%) was in 2016 (grafiek: Groei in Nederlandse octrooiaanvragen bij het EOB). De huidige daling is grotendeels gevolg van het feit dat een paar van de grootste indieners afgelopen jaar minder octrooien hebben aangevraagd.

In totaal ontving het Europees Octrooibureau in 2019 een recordaantal van 181.000 octrooiaanvragen, een stijging van 4% ten opzichte van 2018 (grafiek: Groei van Europese octrooiaanvragen). Ongeveer 45% van de aanvragen was afkomstig uit de 38 EOB-lidstaten, 55% kwam uit andere regio’s. De top vijf landen van herkomst waren de Verenigde Staten (25% van het totaal), gevolgd door Duitsland (15%), Japan (12%), China (7%) en Frankrijk (6%) (grafiek: Top 50 aanvragende landen). De toename van het aantal aanvragen bij het EOB werd voornamelijk veroorzaakt door een sterke stijging vanuit China, de Verenigde Staten en Zuid-Korea. Een andere duidelijke trend was de groei van het aantal octrooiaanvragen op het gebied van digitale communicatie en computertechnologie, een weerspiegeling van het toenemend belang van technologie die verband houdt met digitale transformatie.

Wat het aantal octrooiaanvragen per inwoneraantal betreft (indicatie voor innovatiekracht van een land), neemt Nederland neemt met 404 octrooiaanvragen per miljoen inwoners de 4e plaats in onder alle landen die octrooiaanvragen indienen bij het EOB. Denemarken (nr. 3, 412) en Zweden (nr. 2, 433) doen het iets beter, met Zwitserland als absolute topper op nr. 1, met 988 octrooiaanvragen per miljoen inwoners (grafiek: Aanvragen per miljoen inwoners).

Nederland is duidelijk de thuisbasis van veel innovatie gezien de positie van verschillende toonaangevende bedrijven in de top van onze octrooiaanvragers en de hoge notering van octrooiaanvragen per hoofd van de bevolking”, aldus EOB-voorzitter António Campinos. “Wat bovendien telt is dat de octrooiaanvragen vanuit Nederland een breed terrein van technologie bestrijken en de innovatiekracht van het land daarmee een solide basis heeft in veel verschillende industrieën”, verklaart de EOB-voorzitter verder.

Royal Philips, Signify, Airbus, NXP: Nederlandse top-octrooiaanvragers

Royal Philips was in 2019 wederom de meest actieve octrooiaanvrager van Nederland bij het EOB met 1.542 octrooiaanvragen (-4.6%), gevolgd door Signify (voormalig Philips Lighting) met 656 aanvragen (+14.5%), Airbus 530 (+4.1%), NXP 351 (+12.5%) en DSM 343 (-31.4%). (grafiek: Nederlandse topaanvragers bij het EOB). In het EOB-totaaloverzicht van vooraanstaande octrooiaanvragers staat Royal Philips opnieuw op de 8e plaats.

Binnen de tien belangrijkste technologiesectoren van het EOB, was Royal Philips nr. 2 in medische technologie, na Johnson & Johnson, nr. 4 in metingen na Siemens, United Technologies en Robert Bosch en nr. 8 in computertechnologie. In die sector behaalde het de toppositie in de sub-sector ‘beeldgegevensverwerking en -generatie’. Signify was nr. 3 in ‘elektrische machines, apparaten en energie’. Ondanks het feit dat DSM minder octrooiaanvragen indiende, bleef het de nr. 2 in biotechnologie na Hoffmann-La Roche.

Afname Nederlandse octrooiaanvragen biotechnologie

De meeste aanvragen uit Nederland in de belangrijkste technologiesectoren betreffen medische technologie (-5.6%) gevolgd door elektrische machines, apparaten en energie (+9.8%) en metingen (+7.2%). Octrooiaanvragen uit Nederland stegen het sterkst in chemische technologie (+17.7%). De grootste dalers waren biotechnologie (-22.6% na een stijging van 23% in het voorgaande jaar) en levensmiddelenchemie (-15.6%).

Meeste octrooiaanvragen uit provincie Noord-Brabant; Eindhoven op nr. 1

De provincie Noord-Brabant voert de ranglijst aan van Europese octrooiaanvragen binnen Nederlandse regio’s, met een toegenomen aandeel van 54% (+4.9%). De regio was ook de op vier na sterkste van alle Europese regio’s die in 2019 octrooiaanvragen indienden bij het EOB (grafiek: Toonaangevende Europese regio’s bij het EOB in 2019). Op de Nederlandse ranglijst van regio’s staat Zuid-Holland op nr. 2 (14.6%, was 14.9%) gevolgd door Noord-Holland (10%, was 9.4%) dat daarmee Zuid-Limburg als derde sterkste regio verdrong. In Friesland en Drenthe werd de grootste stijging van het aantal octrooiaanvragen geregistreerd, respectievelijk +25% en +18.2%. De ranglijst van Nederlandse steden wordt aangevoerd door Eindhoven met veruit de meeste octrooiaanvragen (2.687 een aandeel van 38.6%, +4.6% t.o.v 2018), vóór Amsterdam (473, +4% t.o.v. 2018) en Rotterdam (325, -2.4% t.o.v. 2018).

EOB-octrooiaanvragen algemeen: 5G en AI aanjagers van groei

Digitale communicatie staat voor de eerste keer in meer dan tien jaar op de eerste plaats waar het octrooiaanvragen bij het EOB betreft. Het boekte de sterkste groei in 2019 (+19.6% t.o.v. 2018) en versloeg daarmee medische technologie (+0.9%) dat sinds 2006 de meest octrooi-actieve sector was (grafiek: Top technologiesectoren). Bij digitale communicatie, waaronder cruciale technologie voor de toepassing van 5G draadloze netwerken, is het aandeel van octrooiaanvragen uit China, de Verenigde Staten en Europa nagenoeg gelijk, elk verantwoordelijk voor ongeveer een kwart van het totaal.

Met een stijging van 64,6%, droegen Chinese bedrijven het meest bij aan de groei in deze sector. De op één na snelst groeiende sector bij het EOB in 2019 was computertechnologie (+10.2%) De drijvende factor voor groei was hier de stijging van octrooiaanvragen voor kunstmatige intelligentie (AI). Amerikaanse bedrijven waren goed voor bijna 40% van alle octrooiaanvragen in de sector computertechnologie (+14.6%) gevolgd door EOB-lidstaten met een aandeel van 30% (+9.3%) en China met iets meer dan 10% van het totaal (+18.7%).

Europese trends: Daling Frankrijk, Groei voor Zweden en VK

Octrooiaanvragen uit Zweden (+8%) en het VK (+6.9%) lieten een aanzienlijke groei zien terwijl Duitsland stabiel bleef (+0.5%) en Frankrijk (-2.9%) evenals Nederland te maken kreeg met een daling.

Huawei topaanvrager

De EOB-bedrijvenlijst weerspiegelt ook het groeiende belang van digitale technologie. Huawei stond in 2019 bovenaan met 3.524 octrooiaanvragen. Samsung schoof op naar de 2e plaats en LG nam de 3e plaats voor haar rekening. De twee Zuid-Koreaanse bedrijven werden gevolgd door het Amerikaanse bedrijf United Technologies en de topaanvrager van 2018, Siemens, dat uiteindelijk 5e werd (grafiek: Top 10 aanvragers in 2019).

Zie voor details: Patent Index 2019  www.epo.org/patent-index2019

Over het EOB

Met bijna 7.000 medewerkers is het Europees Octrooibureau (EOB) een van de grootste Europese instellingen. Het hoofdkantoor bevindt zich in München, er zijn eveneens vestigingen in Den Haag, Berlijn, Wenen en Brussel. Het EOB werd opgericht met als doel de samenwerking op het gebied van octrooien in Europa te versterken. Dankzij de gecentraliseerde octrooiprocedure van het EUB kunnen uitvinders een kwalitatief hoogstaande octrooibescherming krijgen in 44 landen die een markt van ongeveer 700 miljoen mensen bestrijkt. Het EOB is bovendien ‘s werelds toonaangevende instantie op het gebied van octrooi-informatie en octrooi-onderzoek.

 

1 jaar geleden