'Zet ervaringsdeskundigen in om jonge vluchtelingen zelfredzaam te maken'

2 weken geleden

Dit is een origineel bericht van
ANP Expert Support

Dit is een expertquote van Joline Verloove van Movisie, in het kader van ANP Expert Support. U kunt dit bericht, of delen hiervan gebruiken op uw kanalen. Aanleiding: Oxfam: zorg beter voor jonge vluchteling als die 18 jaar is | ANP

Nederland moet voor jonge vluchtelingen blijven zorgen als die 18 jaar worden en ze helpen bij de overgang naar volwassenheid, vindt Oxfam Novib. Uit onderzoek van Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) blijkt ook dat alleenstaande vluchtelingen die 18 worden niet financieel zelfredzaam zijn. Persoonlijke begeleiding in eigen tempo en de inzet van ervaringsdeskundigen kan hen erg helpen.

Na onderzoek in Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië en Nederland luidt Oxfam de noodklok over de risico's waarmee jonge vluchtelingen in Europa op hun achttiende verjaardag worden geconfronteerd. Het onderzoek laat zien hoe jonge vluchtelingen in Europa op hun 18de dakloos worden, uitgebuit worden, en in gevaarlijke situaties belanden. Deze landen slagen er niet in om vluchtelingen in deze leeftijdsgroep te beschermen en te ondersteunen. Voor jonge alleenstaande vluchtelingen betekent achttien jaar worden het verlies van steun door afwezigheid van wetgeving die hen beschermt. Achttien worden, betekent dat deze jongeren volgens de wet niet meer als kinderen maar als volwassenen worden beschouwd en het grotendeels alleen moeten te zien rooien in de complexe Nederlandse samenleving.

Een van de problemen waar deze jongeren zich in Nederland mee geconfronteerd zien volgens het rapport, is de overbelasting doordat ze vrij plotseling zelf financiële en algehele verantwoordelijkheid dragen met de bijbehorende bureaucratie zonder dat er enige informatie of training wordt gegeven.

Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) en Movisie herkennen het beeld en onderschrijven deze oproep. In het rapport ‘Desnoods eet ik twee weken brood met pindakaas’ verkenden zij, i.s.m. Stichting SAMAH, hoe de financiële zelfredzaamheid van alleenstaande minderjarige vluchtelingen (amv’s) kan worden vergroot in de overgang naar volwassenheid en brachten het vraagstuk in kaart. In de abrupte knip 18-/18+ valt de vertrouwde begeleidingsstructuur weg, terwijl de financiële verantwoordelijkheden toenemen. Wanneer deze jongeren 18 jaar worden, moeten ze zelfstandig wonen, hun inkomsten en uitgaven beheren en beslissingen zelf nemen. Een groot deel van deze jongeren is er nog niet klaar voor om in de complexe Nederlandse samenleving zelfredzaam te zijn. Ze zijn vaak pas kort in Nederland, hebben geen steun en begeleiding van ouders of een sociaal netwerk en zijn niet, zoals Nederlandse jongeren, opgegroeid in het financiële systeem dat we hier kennen. Daarom is passende ondersteuning erg belangrijk.

Een belangrijke aanvulling uit dit rapport op de oproep van Oxfam Novib is dat informatie geven of een enkele training ‘omgaan met geld’ niet voldoende is. Het gaat om langzaamaan wennen aan een nieuw systeem, waarbij je idealiter op jouw tempo steeds meer verantwoordelijkheden krijgt waarbij je hulp krijgt van een vast contactpersoon. De inzet van ervaringsdeskundigen kan hier goed bij helpen.

Joline Verloove is adviseur, trainer en projectleider bij Movisie.

Andere persberichten van deze organisatie

'Soep koken voor daklozen of aanplanten bos vergroot eigenwaarde jongeren'

Dit is een expertquote van Joris Buis van IVN Natuureducatie, in het kader van ANP Expert Support. U kunt dit bericht, of delen hiervan gebruiken op uw kanalen. Aanleiding: D66 en VVD moeten 'vrolijkheid' terugbrengen in formatie | ANP

Aan VVD en D66 is de opdracht gegeven een proef-regeerakkoord te schrijven. Aan deze partijen willen we dan ook de dringende boodschap meegeven goed voor de jongere generatie te zorgen. De Maatschappelijke Diensttijd, speciaal in het leven geroepen om jongeren te laten inzien wat ze voor de maatschappij kunnen betekenen door bijvoorbeeld soep te koken voor daklozen of bossen aan te planten, staat onder druk. Voor de toekomst van vele jongeren is het echter heel belangrijk dat wordt voorkomen dat deze mooie projecten wegvallen.

Met elf organisaties voeren we daarom deze week actie om de Maatschappelijke Diensttijd (MDT), op de kaart te zetten. Al 21.000 jongeren deden MDT en ruim 1800 organisaties zijn betrokken. Zij hebben 60.000 plekken beschikbaar waar jongeren kunnen starten. Heel fijn, want er zijn veel jongeren die zich zorgen maken over hun toekomst en hun positie in de maatschappij. In coronatijd is dat allleen maar erger geworden door onderwijsachterstanden, gebrek aan stageplekken, baanverlies, schulden en psychische problemen.

Toekomstperspectief

Kunnen meedoen in de samenleving is van essentieel belang en MDT biedt deze kans. MDT biedt houvast en structuur. Jongeren geven bijvoorbeeld bijles, helpen jongeren in psychische nood op chatlijnen of ruimen zwerfafval op. Ze leren daardoor zichzelf beter kennen, zien wat ze kunnen betekenen voor anderen en halen daar kracht en motivatie uit. Dat biedt perspectief voor de toekomst.

Groen Traineeship

IVN Natuureducatie heeft MDT aangegrepen om met tien groene partners, waaronder Natuurmonumenten het Groen Traineeship te lanceren. Honderden jongeren hebben zich sinds 2019 al meer dan 10.000 uur ingezet voor een groener Nederland. Ze hebben bossen aangeplant, insecten geholpen en campagnes voor de natuur opgezet.

De komende jaren willen we het MDT-aanbod verder uitbouwen. We vragen daarvoor niet veel, maar wel vragen we de politiek om MDT de kans te geven en niet weg te bezuinigen uit de Rijksbegroting. Dit voor een mooie, eerlijke, groene toekomst voor onze jeugd.

Joris Buis werkt als programmamanager Jongeren bij IVN Natuureducatie.

16 uur geleden

'Keti Koti: Suriname hoorde eerder bij Nederland dan Limburg'

Dit is een expertquote van Hanneke Felten van Movisie, in het kader van ANP Expert Support. U kunt dit bericht, of delen hiervan gebruiken op uw kanalen. Aanleiding: Vier grote steden willen nationale feestdag voor Keti Koti | ANP

De vier grote steden willen dat er een nationale feestdag komt voor Keti Koti, een herdenkingsdag die in het teken staat van het afschaffen van de slavernij. Dat is een interessant voorstel in het kader van de aanpak van racisme.

Uit een onderzoek van Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) uit 2020 bleek dat mensen die zich openlijk racistisch uitlaten op onder andere sociale media, vinden dat ‘zij’ geen echte Nederlanders zijn en moeten kijken naar ‘echte Nederlanders’ om te weten ‘hoe het hoort’. ‘Zij’ hebben dus minder vrijheid dan ‘wij’. Dus als je alleen al een donkere huidskleur hebt, word je door deze witte Nederlanders gezien als minder echte Nederlander terwijl Suriname 200 jaar eerder bij Nederland hoorde dan Limburg. Deze gedachtegang bleek te spelen onder mensen die zich openlijk racistisch uitlaten op bijvoorbeeld internet, maar experts vermoeden dat mogelijk een breder probleem is.

Voor een oplossing blijkt dat onder meer duidelijke sociale normen belangrijk zijn. Dat betekent dat duidelijk moet worden dat racisme niet acceptabel is. Uit onderzoek blijkt dat wanneer witte mensen zien dat andere witte mensen zich uitspreken tegen racisme of – nog beter – ingrijpen wanneer het gebeurt, dat zij dit zelf ook vaker gaan doen. Goed voorbeeld doet dus volgen. Van Keti Koti een nationale dag van herdenking maken en als land en stad stelt zo een sociale norm stellen is daarom een prima idee. Het geeft een krachtige boodschap af dat racisme in het heden en in het verleden niet door de beugel kan.

Hanneke Felten is onderzoeker op het terrein van discriminatie bij Movisie.

2 dagen geleden

'Meer aandacht nodig voor gedupeerde patiënt'

Dit is een expertquote van Ineke Sybesma van Fonds Slachtofferhulp, in het kader van ANP Expert Support. U kunt dit bericht, of delen hiervan gebruiken op uw kanalen. Aanleiding: Impact coronacrisis groot op kanker- en hartpatiënten en slachtoffers ongevallen | NOS

Dat de impact van de coronacrisis op de zorg groot is, wisten we al. Dat die impact voor patiënten zelfs gigantisch is en de kwaliteit van zorg ernstig onder druk is gezet, wordt nu ook bevestigd door de meest recente cijfers van de Samenwerkende Kwaliteitsregistraties (SKR).

Natuurlijk is dit een bijzondere situatie, omdat er overduidelijk sprake is van overmacht. De groep patiënten die moest wachten vanwege de uitgestelde zorg, ving de klappen op voor de acute zorg voor coronapatiënten. Dat is begrijpelijk, maar erkenning daarvoor is van groot belang. Daarmee kan voorkomen worden dat begrip voor de situatie omslaat in boosheid, verbittering, verlies van vertrouwen in zorg en overheid. Ook moet voorkomen worden dat patiënt en zorgverlener tegenover elkaar komen te staan.

Hetzelfde hebben we beoogd met onze pilot casemanagement na een calamiteit in het ziekenhuis. De afgelopen twee jaar heeft het Fonds Slachtofferhulp samen met zeven ziekenhuizen gedupeerde patiënten bijgestaan na het meemaken van een medisch incident. Aan de hand van onafhankelijk casemanagement werden patiënten begeleid. We manageden de verwachtingen in het contact met de arts, het ziekenhuis, de calamiteitencommissie, de verzekeraar, maar hielpen vooral bij het inrichten van een aangepast leven. Want wat er ook gebeurd is, je moet door.

Deze pilot, waarin ook onafhankelijk onderzoek meeliep, heeft ons enorm veel nieuwe inzichten en kennis opgeleverd, waarmee we de hulp aan gedupeerden blijvend willen verbeteren. De resultaten van het onderzoek worden begin juli bekendgemaakt en delen we tegen die tijd graag met belanghebbenden.

Deze noodsituatie als gevolg van de coronacrisis is ontstaan buiten ieders schuld, maar levert wel schade op voor patiënten en hun naasten. Dat blijkt nu wederom uit de cijfers. Het belang van erkenning, openheid en goede communicatie is groot. Net zoals bij een calamiteit. We hopen daarom van harte dat daar in de toekomst nog veel meer aandacht naar uit zal gaan en dat we leren van deze crisis en zorgprocessen hier beter op inrichten.

Ineke Sybesma is directeur van Fonds Slachtofferhulp.

2 dagen geleden

'Ouderenzorg in de knel door tekort aan specialisten ouderengeneeskunde'

Dit is een expertquote van Amnon Weinberg van ZBVO, in het kader van ANP Expert Support. U kunt dit bericht, of delen hiervan gebruiken op uw kanalen. Aanleiding: 'Ouderenzorg in gevaar door te weinig specialisten'

Verpleeghuizen komen in toenemende mate in de problemen omdat er niet genoeg specialisten ouderengeneeskunde zijn. Ook blijft de instroom in opleidingen achter en terecht dus dat het tekort aan specialisten ouderengeneeskunde wordt aangekaart. Enerzijds worden vacatures niet ingevuld en aan de andere kant ontdekken specialisten ouderengeneeskunde dat ze in zelfstandige organisatievormen, zoals ZBVO, meer mogelijkheden hebben om hun ambities te verwezenlijken. Echter mag dat laatste als een goede ontwikkeling gezien worden.

Specialisten ouderengeneeskunde zijn zich ervan bewust dat hun toekomst niet alleen in het verpleeghuis ligt. Op vele plekken in Nederland is aangetoond dat zij met hun integrale multidisciplinaire en preventieve werkwijze het verschil kunnen maken om (potentieel) kwetsbare ouderen de door hen gewenste anticiperende, veilige en betekenisvolle reis te laten maken. De zo noodzakelijke rol van ouderenarts buiten het ziekenhuis is de specialist ouderengeneeskunde op het lijf geschreven en ondersteunt de medische coördinatie van de overbelaste huisarts.

Van algemeen naar innovatieve persoonlijke zorg

Vergrijzing en ontgroening in de samenleving nopen tot nieuwe, door visie ingegeven, keuzes in de ouderenzorg, zowel op patiënt als op beleidsniveau. Het vraagt om creatieve oplossingen om de belemmeringen in de praktijk tussen WMO, ZVW en WLZ weg te nemen. Het leidend principe wordt de reis van en de keuzes door de oudere. De focus is gericht op het borgen van persoonsgerichte zorg en gecoördineerde netwerkzorg waarbij de behandeling van ziektebeelden ondersteunend is aan dat proces van kwaliteit van leven. Dát is (multidisciplinaire) zorg en behandeling op maat en voorkómt onnodige diagnostiek, ziekenhuisopname en risicovol medicatiegebruik, alsmede onnodige overbelasting en gezondheidsverlies bij mantelzorgers.

De betere specialist voor betere ouderenzorg

De specialisten ouderengeneeskunde heeft dus een belangrijke maatschappelijke en economische waarde. Om voldoende capaciteit te garanderen moet het vak beter worden ingebed in de overheidsvisie op ouderenzorg via zelfstandige vakgroepen, in de maatschappelijke beeldvorming en in de basisopleiding geneeskunde.

Het vak moet aantrekkelijk gehonoreerd worden en de consultatiefunctie in eerstelijn gefaciliteerd. Eigenlijk moeten we van belemmerende begrippen als eerstelijn en tweede lijn af; we zijn de lijnen voorbij en denken in al eerder genoemde regionaal geregisseerde netwerkzorg die samenwerking over de muren stimuleert.

Zowel beroepsvereniging Verenso als vakgroep ZBVO dragen dit allemaal krachtig uit en dat zou het ministerie moeten overnemen. Ik weet het wel, als ik ga sukkelen vraag ik de huisarts meteen om een gesprek met specialist ouderengeneeskunde.

Amnon Weinberg is Specialist Ouderengeneeskunde en SCEN-arts bij ZBVO.

5 dagen geleden

'Janssen maakt Nederland Medicijnhub waar'

Dit is een expertquote van Gerard Schouw van Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, in het kader van ANP Expert Support. U kunt dit bericht, of delen hiervan gebruiken op uw kanalen. Aanleiding: R&D in Nederland: een 50/50 verdeling in coronajaar | Technisch Weekblad

Geneesmiddelontwikkelaar Janssen Pharmaceuticals heeft afgelopen jaar bijna een half miljard euro geïnvesteerd in research en development. Daarmee behoort Janssen tot de drie grootste investeerders in innovatie in Nederland, blijkt uit de jaarlijkse R&D Top 30 van het Technisch Weekblad. Daarbij is Janssen, als onderdeel van Johnson&Johnson, ook nog eens de grootste buitenlandse investeerder in onze kenniseconomie.

Waar de meeste Nederlanders weten dat high techbedrijven ASML en Philips veel geld investeren in de technieken en producten van morgen, lijkt de geneesmiddelensector de grote onbekende. Maar dit is schijn want in Europa wordt door bedrijven jaarlijks €39 miljard gestoken in de ontwikkeling van nieuwe medicijnen en vaccins.

Strategische soevereiniteit

Dat het hard nodig is om zelf medicatie te ontwikkelen, werd afgelopen jaar duidelijk tijdens de coronapandemie. Europa werd met de neus op de feiten gedrukt: we zijn als continent wel erg afhankelijk geworden van het verre oosten en de Verenigde Staten. Onze ‘strategische soevereiniteit’ moet worden gewaarborgd door ontwikkeling en productie naar Europa terug te halen. Iets waar de Franse eurocommissaris Thierry Breton zich hard voor maakt.

Pluspunten

En Nederland is een goede vestigingsplaats voor geneesmiddelbedrijven. We liggen centraal in Europa, hebben goede hoogopgeleide werknemers, veel kennis over ontwikkeling, productie en het transport van geneesmiddelen. De geneesmiddelenautoriteit EMA en het Europees Octrooibureau zijn belangrijke Europese instituten die hier gevestigd zijn. Het zijn allemaal pluspunten.

Exportpotentieel

Maar waar een land als Frankrijk regelmatig geneesmiddelenbedrijven uitnodigt om te praten over investeringen, lijken we daar als Nederland minder op in te zetten. En dat is jammer, want het exportpotentieel wordt geraamd op €30 miljard euro. Dat is meer dan de bekende kroonjuwelen als kaas, bloemen en machines.

Samenwerking

Wat nodig is, is samenhangend beleid. Laat ministeries als EZK en VWS met elkaar samenwerken, zodat beleid goed op elkaar aansluit in plaats van dat het botst. Trek met bedrijven op in publiek-private samenwerkingen. Haal meer uit het topsectorenbeleid door meer regie te voeren. En maak werk van een innovatievriendelijk klimaat, waarbij geneesmiddelen snel worden toegelaten en vergoed, en er ruimte is om met nieuwe behandelconcepten als gen- en celtherapie te pionieren.

Medicijnhub

Dan blijft het niet alleen bij de grote investeringen van Janssen in geneesmiddelinnovatie, maar wordt je als land de springplank van geneesmiddelontwikkelaars voor Europa. En dan ontwikkelen we ons tot een medicijnhub van internationaal formaat en versterken we zo de strategische soevereiniteit van Europa.

Gerard Schouw is directeur van Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen.

5 dagen geleden

'Keuze schuilplek zeer belangrijk bij onweer'

Dit is een expertquote van Jaco van Wezel van Weeronline, in het kader van ANP Expert Support. U kunt dit bericht, of delen hiervan gebruiken op uw kanalen. Aanleiding: Vanaf donderdagavond code geel wegens onweersbuien | ANP

Prachtig zonnig en warm zomerweer kan zomaar omslaan. Uit het niets betrekt de lucht en binnen korte tijd barst een zware onweersbui los. Het is belangrijk om dat de juiste schuilplaats uit te kiezen.

Hieronder een aantal tips van Weeronline:

1. Blijft uit de buurt van open water. Water geleidt stroom en als de bliksem dichtbij inslaat kan deze ook jou treffen.

2. Zoek een schuilplaats. Gebouwen en auto’s zijn veilige plekken om te schuilen tijdens hevig onweer. Dus als je de mogelijkheid hebt: ga naar binnen, dan zit je goed.

3. Vermijd hoge plekken, omdat bliksem vaak de kortste weg naar de grond zoekt. Maar ook hoge objecten zoals bomen en masten zijn ‘favoriet’ voor blikseminslagen. Zorg dus dat je niet onder of vlak naast een boom of mast staat. Ben je in een bos, zoek dan een groepje lage bomen uit om tussen te schuilen, bij voorkeur in lagergelegen gebied. Maar ook voor deze kleine bomen geldt: ga er niet te dichtbij of tegenaan staan.

4. Maak jezelf klein. Als het te laat is om nog een schuilplaats te zoeken, ga dan gehurkt op de grond zitten met je benen bij elkaar. Leun op je tenen om zo min mogelijk contact met de grond te hebben. Omdat je een klein contactoppervlakte met de grond hebt, is het moeilijker voor de bliksem om stroom via jou naar de grond te geleiden. Ga nooit plat op de grond liggen, want dan heb je juist maximaal contact met de grond en kan de bliksem je op verschillende plekken treffen.

Maatregelen binnenshuis

Hoewel de risico’s op ongelukken met bliksem binnenshuis kleiner zijn dan buiten, is het nog niet compleet veilig. De dingen die je kunt doen om de risico’s binnen te beperken:

  • Was geen handen en ga niet douchen. Zoals eerder gezegd geleid water elektriciteit. Als bliksem inslaat in een waterleiding in de omgeving kan je via het water onder de douche (of in mindere mate kraan) een zware schok krijgen!
  • Haal de stekkers van apparaten uit het stopcontact om overspanning te voorkomen. Overspanning kan apparatuur kapot maken en leiden tot brand!
  • Doe ramen en deuren dicht. Dit is vooral een maatregel om schade door de randverschijnselen van onweersbuien (zoals zware regenval en harde windstoten) te voorkomen.

Jaco van Wezel is meteoroloog bij Weeronline.

6 dagen geleden